han_nefkens

Follow Us On

Paashond

Barcelona is leeg. Honderdduizenden mensen hebben de stad verlaten om de Semana Santa aan de kust of in de bergen door te brengen. Wij zijn thuis bij Ollie.

Gisteren brachten we hem naar de dierenarts. Het was een afspraak waar ik me op had voorbereid. Mentale discipline, daar gaat het om – ik had zes boeken over dat onderwerp besteld bij Amazon.com. Het is een kwestie van houding: niet altijd willen sturen, maar de gebeurtenissen hun eigen koers laten gaan. Wanneer er losgelaten moet worden, zal dat vanzelf wel blijken. Verzet je niet, go with the flow, zei ik tegen mezelf.

De avond voor het bezoek aan de dierenarts zaten Ollie en ik op een rood kussen voor de tv. Ik had het beeld op stop gezet, Hyacinth Bucket, spreek uit ‘Bouquet’, stapte de keuken binnen met een nieuwe hoed waarover ze Richards mening wilde hebben. Anderhalf uur keken Ollie en ik naar Hyacinth die haar hoofd met paarse hoed en pauwenveer om de hoek van de deur stak terwijl Richard op haar bevel zijn ogen had gesloten.

Ik aaide Ollie tot ik een lamme arm kreeg en bedacht hoe vreselijk het zou zijn als hij de volgende dag ook maar even zou piepen wanneer hij een spuitje zou krijgen. Het voelt als heiligschennis om voor God te spelen, zelfs wanneer je niet in God gelooft. We zijn niet gemaakt voor deze rol, hij past ons niet en vult ons met spijt nog voor we iets hebben gedaan.

Toen we bij de dierenarts in de wachtkamer zaten, deed ik alsof ik een tijdschrift las, maar ondertussen observeerde ik Ollie die heftig aan het rondsnuffelen was. Een goed teken.

De dokter vroeg hoe het ging. Felipe vertelde dat Ollie wat beter at, maar niet veel meer dronk.

‘Net vanochtend zag ik anders hoe hij toch aardig wat water dronk, misschien omdat hij een kom rijst had gegeten,’ wierp ik snel tegen. Ik gaf Ollie een klein duwtje, zodat zijn vermagerde borstkas iets fierder zou tonen.

Felipe vertelde dat Ollie weinig energie had en de meeste tijd in zijn mandje lag te slapen.

‘Maar als de bel gaat springt hij wel op en loopt naar de deur.’ Ik streelde Ollies nek.

‘Ik kan moeilijk inschatten of hij pijn heeft.’ Felipe keek bedrukt.

‘Rare geluidjes maken we niet, hè Ol?’

‘Hij neemt zijn pillen moeilijk in, zeker nu hij zo weinig eet.’

‘Maar verstopt in een rolletje ham lukt het toch iedere keer.’ Ik voelde me als een advocaat die voor het hemelse gerecht aan het pleiten is.